2017.02.11 Ongemakkelijke woorden van Jezus

de toelichting werd gehouden door Paul Kevers.

‘Ongemakkelijke woorden van Jezus’

“Het woord dat ik u heden geef is niet te zwaar voor u…” hebben wij gezongen.

Geldt dat ook voor het woord uit het evangelie dat we vóór het lied gehoord hebben? Over je hand of je voet afhakken, je oog uitrukken…? Het is een van die vele ‘moeilijke woorden’ van Jezus, woorden die ons ongemakkelijk maken, waar we geen raad mee weten… Eigenlijk zijn er twee soorten ‘moeilijke Jezuswoorden’. Enerzijds de woorden die we op zich heel goed verstaan, maar die moeilijk zijn om na te volgen: genre ‘bemin uw vijanden’. Anderzijds de woorden die moeilijk te verstaan zijn of waarvan we niet goed snappen dat Jezus ze heeft kunnen uitspreken: genre ‘als je hand je ergert, hak ze af’. Ik wil beginnen met enkele sleutels aan te reiken om met die tweede soort ‘ongemakkelijke Jezuswoorden’ om te gaan.

1. Een eerste vereiste is, dat we goed lezen wat er staat. En dat gebeurt lang niet altijd. Er worden nogal eens woorden en uitspraken aan Jezus toegeschreven, die als zodanig nergens in het evangelie te vinden zijn. In de tijd toen de vele pedofilieschandalen in de Kerk aan het licht kwamen, heb ik eens iemand horen verkondigen: “Jezus heeft gezegd: wie kinderen misbruikt, moet met een molensteen om de hals in zee geworpen worden! Dus pedofielen verdienen de strengste straf!”. Heeft Jezus dat gezegd? En waar staat dat dan? We hebben de tekst in kwestie gehoord. Er staat: “Wie een van deze kleinen die geloven ten val brengt, kan beter met een molensteen om zijn nek in zee geworpen worden”. Het gaat niet over kinderen, maar over ‘kleinen die geloven’, eenvoudige mensen. Het gaat niet over ‘aan kinderen raken’, maar over die eenvoudige mensen ‘ten val brengen’, doen wankelen in hun geloof, hen tot geloofsafval brengen, hen Jezus doen afzweren. En er staat niet: ze moeten met een molensteen om de nek in zee geworpen worden, maar wel: wat ze doen is zo erg, dat ze beter af zouden zijn als ze met een molensteen om de nek in zee werden geworpen. En dat is toch heel wat anders: Jezus dreigt niet met een zware straf, maar gebruikt een beeld om te laten zien hoe erg hij het vindt als kleine, zwakke mensen op het verkeerde pad gebracht worden. We moeten oppassen dat we Jezus geen woorden in de mond leggen die hij nooit gesproken heeft. Over kindermisbruik staat niets in de Bijbel en heeft Jezus niets gezegd – wat niet wil zeggen dat het niet heel erg is natuurlijk.

2. Een tweede sleutel is aandacht voor de context. In het Johannesevangelie zegt Jezus ergens tegen de Joden: “Jullie zijn kinderen van de duivel” (Joh 8,44). Als men die uitspraak uit de context rukt, kan men daaruit besluiten dat volgens Jezus alle Joden kinderen van de duivel zijn en dat dat een geweldige antisemitische uitspraak is (Etienne Vermeersch doet dat nogal eens als hij wil aantonen dat de Bijbel een onmogelijk boek is). Maar we moeten goed zien in welke context Jezus dat zegt. Ten eerste is Jezus zelf een Jood (en als hij dus gezegd zou hebben dat alle Joden kinderen van de duivel zijn, dan geldt dat ook voor hemzelf). Ten tweede staat die uitspraak midden in een lange discussie over wat het betekent ‘kind van Abraham’ te zijn. Dat was een discussiepunt onder de rabbijnen in die tijd. Sommigen meenden dat het voldoende was om biologisch van Abraham af te stammen. Anderen, onder wie Jezus, meenden dat men ook de werken van Abraham moest doen, geloven en vertrouwen zoals Abraham, om ‘kind van Abraham’ te zijn. En als men dat niet doet, als men kwade werken doet, als men ‘de werken van de duivel’ doet (bijvoorbeeld door Jezus of de profeten ter dood te willen brengen), dan is men geen ‘kind van Abraham’ maar een ‘kind van de duivel’. Gezien in die context wordt dat ‘moeilijke woord’ van Jezus al heel wat beter verstaanbaar!

3. We moeten niet alleen ‘goed lezen wat er staat’, maar we moeten ook leren lezen wat er niet (letterlijk) staat. Dat is een derde sleutel. We moeten leren lezen achter de woorden, gevoel krijgen voor de beeldtaal van de Bijbel. “Als je hand je ten val brengt, hak haar af. Als je voet je ten val brengt, hak hem af. Als je oog je ten val brengt, ruk het uit”… Zou het echt de bedoeling van Jezus geweest zijn, mensen aan te zetten tot zelfverminking? Dat is moeilijk aan te nemen. De Bijbel gebruikt graag beeldrijke taal. Dit woord van Jezus is een beeldrijke manier om te zeggen dat we het kwaad in de wortel moeten aanpakken en uitroeien. Je moet goed beseffen waar het kwaad begint, zegt Jezus. “Gij zult niet doden”, staat er in de Wet, maar wie tot zijn broeder zegt ‘dwaas’ is al op het slechte pad. “Gij zult geen echtbreuk plegen” staat er in de Wet, maar wie begerig naar de vrouw van zijn naaste kijkt, heeft in zijn hart al echtbreuk met haar gepleegd. Enzovoort. Dus: ‘als je hand, je voet, je oog je ten val brengt, ruk het uit’ wil niet zeggen dat je dat letterlijk moet doen, maar wel dat je bij jezelf moet nagaan waar het kwaad begint en dat je het daar, aan de wortel, moet aanpakken. (Of dit woord van Jezus daardoor minder ‘moeilijk’ wordt, weet ik niet; wel dat het daardoor minder gruwelijk wordt…).

4. Een vierde sleutel bij het interpreteren van ongemakkelijke Jezuswoorden, is aandacht voor het Semitische taaleigen. Typisch voor dat taaleigen is dat men graag in radicale zwart-wittegenstellingen spreekt en dat nuance daarbij soms ver te zoeken is. Ik geef een voorbeeld. Ik eet liever pizza dan spaghetti. Ik eet het allebei graag, ik hou van de Italiaanse keuken, maar liever pizza dan spaghetti. In het Semitisch wordt dat: “Pizza heb ik lief en spaghetti haat ik”. Zo lezen we in het Oude Testament: “Jakob hield van Rachel maar hij haatte Lea” (Gn 29,30-31). Het is te zeggen: hij hield van alletwee, maar had een duidelijke voorkeur voor Rachel. “Niemand kan twee heren dienen”, zegt Jezus, “hij zal de eerste haten en de tweede liefhebben” (Mt 6,24). Maar hij bedoelt natuurlijk: hij zal de tweede liever dienen dan de eerste. Van echte haat is er geen sprake. Als Jezus dus zegt: “Wie naar mij toe komt, moet zijn vader en moeder, zijn vrouw en kinderen, zijn broers en zussen, ja zelfs zijn eigen leven haten, anders kan hij geen leerling van mij zijn” (Lc 14,26), dan moeten we dat ook genuanceerd verstaan. Het betekent dat ‘leerling van Jezus zijn’ voorrang heeft op familiebanden. Maar het betekent niet dat die familiebanden niet belangrijk zijn of – godbetert – dat we onze familieleden zouden moeten haten… Zelfs onze vijanden moeten we liefhebben, zegt Jezus elders. En dat is dan een ‘moeilijk Jezuswoord’ van de eerste soort: niet moeilijk te verstaan, maar moeilijk te volbrengen!

Jezus was een kind van zijn tijd en de evangelisten waren kinderen van hun tijd. Ze gebruikten de taal en de beeldspraak die in hun tijd gangbaar waren. En dat verklaart voor een deel waarom sommige woorden van Jezus ‘moeilijk’ overkomen. Het komt er dan op aan die woorden te ‘vertalen’ in een taal die voor de hedendaagse mens verstaanbaar is. We moeten ons afvragen: wat zou Jezus, wat zou de evangelist in zijn tijd eigenlijk hebben willen zeggen? En wat betekent dat voor ons vandaag? Maar zelfs als we die oefening maken, denk ik dat een aantal woorden van Jezus toch altijd ‘moeilijk’ zullen blijven, of ons met een ongemakkelijk gevoel opzadelen. Je broeder vergiffenis schenken, zeventig maal zeven maal… Je vijand beminnen… Als ze je op de ene wang slaan, ook de andere wang aanbieden… Alles wat je bezit verkopen om het weg te geven aan de armen… Die woorden zijn niet ‘moeilijk te verstaan’, maar wel ‘moeilijk na te volgen’, het zijn veeleisende woorden, weerbarstige woorden, die als een kiezelsteentje in onze schoen blijven zitten… En wellicht is dat ook juist de bedoeling. Het evangelie is immers geen boek dat je na lezing tevreden kunt wegleggen om over te gaan tot de orde van de dag. Het brengt geen vreedzame rust, maar eerder heilzame onrust! Misschien toch goed dus dat een aantal woorden van Jezus ‘ongemakkelijk’ blijven…

Voorbede

Geven wij aandacht aan de zorgen en de vragen die bij ons leven.

Er zijn mensen die bijbelteksten en andere heilige teksten misbruiken
om het eigen gelijk te bewijzen of om verdeeldheid te zaaien.
Dat zij tot inzicht mogen komen.

Er zijn mensen die gebukt gaan
onder verkeerd begrepen bijbelteksten en kerkelijke uitspraken,
die daardoor werden klein gehouden en daar onder lijden.
Dat zij bevrijding mogen ondervinden.

Dat de woorden van Jezus die ons werden overgeleverd
mogen blijven klinken zoals ze werkelijk bedoeld zijn:
als woorden die ons oproepen en uitdagen tot ommekeer,
maar die ons vooral willen bevrijden
en een nieuwe toekomst openen.

… …

Dat nieuwe kracht mag zijn, een woord gesproken, een naam: ik-voor-jou

 

Paul Kevers

 

Welkom...

...welkom op onze website.(Vleugel)

Kalender

Augustus 2018
M D W D V Z Z
30 31 1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26
27 28 29 30 31 1 2

Nieuw

 

Kijk naar Nieuws- Rondom de Vleugel

Inloggen