2015.05.30 Aardewerk de transitie naar een duurzaam samenleving

De toelichting werd gehouden door Karel Malfliet.

De verre droom

Laat me beginnen met een stukje sciencefiction.

Een verhaaltje over hoe de wereld er zou kunnen uitzien binnen pakweg 25 jaar.


Stel je voor.

Een samenleving waar mensen met plezier aan hun werkdag beginnen.

Waar ze jobs hebben die aansluiten bij hun interesses en talenten, dicht bij huis of misschien zelfs in de eigen huiskamer.

Waar mensen gemiddeld 25 uur per week werken en voldoende tijd hebben om met geliefde door te brengen of zich maatschappelijk te engageren.

Stel je voor dat ons voedsel niet langer bewerkt is met pesticiden, dat we minder vlees, vet, suiker en zout eten en ons meteen een stuk fitter voelen.

Dat een behoorlijk deel van ons voedsel uit een straal van 100 kilometer komt en je tegelijk met gerust hart chocolade of bananen kan kopen, want er is enkel nog fairtrade.

Stel je voor dat je kleerkast een maatje kleiner is, maar je wel mooie stukken hebt die gemaakt zijn van ecologische grondstoffen én niet door onderbetaalde meisjes in Bangladesh.

Stel je voor dat brandstof zo duur is dat het autoverkeer simpelweg gehalveerd wordt, dat er goed openbaar vervoer komt en we de resterende auto’s met elkaar delen.

Bedenk wat er zou gebeuren mocht een vliegtuigticket ook de milieukosten dekken en dus driemaal zo duur worden als de trein.

Een hele sector van lokaal en duurzaam toerisme zou openbloeien, en vakantie krijgt weer de betekenis van weleer ; niet snel-snel bezoeken wat je gezien moet hebben, maar tijd en ruimte voor wat je zelf belangrijk vindt.

Stel je een wereld voor waar de kloof tussen arm en rijk niet meer toeneemt maar opnieuw kleiner wordt – of ga ik nu te ver ?

Waar superrijken ook superbelastingen betalen.

Dat we vooruitgang niet meer meten in geld of bruto nationaal product, maar in een betere levenskwaliteit en het verminderen van de armoede.

En het leuke is, dat als we ons die wereld verbeelden, we meteen een pak minder CO2 uitstoten, minder energie en grondstoffen nodig e hebben en er misschien nog in slagen de grote klimaatcatastrofe te vermijden.

Uit ‘Stop met klagen’ Steven Vromman – p 35 …


Paradigmashift…excuseer ??

Paradigma. Zoek het woord even op in het woordenboek: en je vindt: “gedachtepatroon, kader, patroon, samenhangend stelsel van modellen en theorieën.”

Een paradigmashift is dus een verandering van een heel patroon, van een heel stelsel ideeën en onderliggende modellen waarop onze samenleving gebaseerd is.

Met één simpele vraag slaagde Edith Sizoo, toenmalig coördinator van het Netwerk Culturen in Brussel, erin om althans in mijn eigen hoofd zo’n paradigmashift tot stand te brengen: “waar ligt de toekomst, waar ligt het verleden?

Stel eender welke gemiddelde Europeaan diezelfde vraag, en hij zal je het antwoord geven dat ik ook gaf: het verleden ligt achter ons, en de toekomst voor ons.

Die dag leerde ik dat in het traditionele wereldbeeld van de meeste inheemse volkeren in onze wereld, dit een absoluut vreemde en bijna onmogelijke redenering is.

Volgens die inheemse volkeren ligt de toekomst achter ons, want die kunnen we niet zien. Wat we wél kunnen zien, en wat dus voor ons ligt, is het verleden. Het zijn onze voorouders die vóór ons deden wat wij nù doen. Het is de eeuwenlang opgebouwde kennis over plichten en waarden die het menselijk samenleven normeren, en die ons in staat stellen te leven op zo’n manier dat we het leven leefbaar maken en dat we de aarde ongeschonden aan onze kinderen doorgeven. Vóór ons (en dus in het verleden) zien we de opeenvolgende cycli van geboren worden en sterven, van lukken en mislukken, van beginnen en herbeginnen. In de cyclische tijdsbeleving van deze inheemse volkeren heeft alles met alles te maken. Iedereen heeft met iedereen te maken. Het religieuze zit hierin verweven. Kunst, muziek, rituelen horen daar onvervreemdbaar bij.

Dit gaat dus in tegen een lineair denken waarbij het verleden als ‘afgehandeld’ beschouwd wordt (achterlijk, ouderwets, voorbijgestreefd), men zich met zijn rug naar dat verleden keert (niet meer ziet wat er te zien is), zich overgeeft aan een ‘blind’ vooruitgangsgeloof (het modern rationalisme van de ‘autonome’ mens), en hierbij zowel mensen als milieu tot slachtoffers maakt (economische crisis, milieucrisis, klimaatcrisis, individualiseringsprocessen, de risicomaatschappij, enz...).

Zo gezien (en in dialoog met de vele culturen van onze wereld) is het dus ook een boeiende tijd om het te hebben over de toekomst. Dat schreef ook Jan Dumon in de jaren dat hij voorzitter was van Broederlijk Delen: “De gedachte dat wij met onze huidige beschaving in belangrijke aspecten op een doodlopend spoor zitten is voor ons meestal onuitstaanbaar en dus ondenkbaar. Deze beschaving wordt als het ware aangedreven door de onstuitbare logica van steeds meer en groter, steeds sterkere topprestaties en concurrentie van allen tegen allen, steeds meer onze eindigheid ontvluchtend in de verbetenheid om alles zelf te maken en te regelen en vooral het tot koopwaar maken van werkelijk alles en allen.

Maar naar eeuwenoude wijsheid, door vele beschavingen in de loop der eeuwen opgedaan, en ook naar bijbelse overtuiging, heeft deze logica de toekomst niet voor zich. Het zou voor onze eigen toekomst wel eens van vitaal belang kunnen zijn om van diegenen “die nog zover niet zijn” te leren hoe het met ons verder moet “(Jan Dumon)

Santhuthi. Genoeg  is overvloed.

Zo’n voorbeeldje van dat leren vond ik in het begrip ‘santhuthi’. ‘Santhuthi’ is een principe uit het Boedhisme. Het is de kunst om tevreden te zijn met wat men heeft. Ongeveer veertig jaar geleden verbood de Thaise regering de boeddhistische monniken om die ‘santhuthi’ nog langer te prediken. De overheid dacht immers volgens een westerse logica dat het de economische groei belemmerde en dus ook de ontwikkeling in de weg stond. Vooraanstaande Thaise monniken verzetten zich tegen deze maatregel. Ze waren er van overtuigd dat ‘santhuthi’ juist bijdraagt tot echte menselijke ontwikkeling, wat ze veel belangrijker vonden dan materiële vooruitgang. ‘Onze voorouders waren dankbaar voor wat de natuur hen gaf. Hun eenvoudige manier van leven was gebaseerd op een economie van het voldoende. Paradoxaal genoeg zorgde dat eeuwenlang voor overvloed in deze streek.’

Beschavingscrisis.

Een tweede stem uit het Zuiden, is die van Aura Lolita Chavez Ixcaquic. Ze is leidster van de K’iche gemeenschap in Guatemala. Haar Maya-gemeenschap behoort tot de vele inheemse volkeren in Latijns Amerika die de gevolgen dragen van de jacht op delfstoffen in hun territorium. Zij verwoordde het enkele jaren geleden in een interview als volgt: “Dit is meer dan een milieucrisis, het is een beschavingscrisis. Dit gaat over het leven. Ons concept van goed leven is: leven in harmonie met de natuur: lucht, water, energie, aarde. In onze cultuur spreken we niet over zogenaamde vooruitgang en ontwikkeling. Dit is een nieuwe confrontatie tussen het Maya-volk en de staat. We hebben een verschillende manier om te kijken naar de kosmos en het leven. En zij breken de relatie tussen de mens en de natuur. Waar is de wederkerigheid? Wij zijn niet de eigenaars van de aarde. We moeten leven in harmonie. Zij verkrachten ons territorium. Ze doen Moeder Aarde geweld aan. Er is geen consensus. De staat, het leger, de multinationals, de rijke families consulteren ons niet. Ze nemen het land alsof ze er de eigenaar van zijn.”

Beide voorbeelden geven in weinig woorden de kerngedachten weer van de paradigmashift waar de verre droom van Steven Vromman in wortelt.

1. Het gaat over een conflict met het modem westers vooruitgangsdenken. En zoals we uit de voorbeelden kunnen begrijpen, is in dit conflict het pleit nog lang niet beslecht, vermits het inzicht groeit dat het modern vooruitgangsdenken onvoldoende bijdraagt tot ‘een echte menselijke ontwikkeling’ die meer is dan materiële vooruitgang.

2. Ze spreken over het bewaren of herstellen van het evenwicht in de natuur. Over ecologie dus.

3. Tegelijk pleiten ze het niet voor het bevriezen van een status-quo. Verandering en ontwikkeling zijn op zich niet verwerpelijk.

4. Ze zeggen ‘geluk’ een andere categorie is dan materiële voldoening.

5. Ze beweren dat een leven, gebaseerd op een economie van het genoeg garant staat voor overvloed.

Tijd voor schepping

Ook als we vooruitblikken in het verleden van onze eigen Joods-christelijke wortels, vinden we zo’n belangrijke inzichten. Wij noemen het ‘Schepping’.

Schepping begint waar de chaos heerst, waar leeg en woest land is, onrecht, onderdrukking, armoede, onheil en duisternis. De bijbel staat vol van verhalen die vertellen hoe in zo’n situaties God ingrijpt en de mens terugvoert naar zijn oorspronkelijke roeping.

Dat is bij uitstek zo in de scheppingsverhalen in Genesis. Die zijn geschreven na de ballingschap. De terugkeer uit de ballingschap was na de uittocht uit Egypte de tweede grote gebeurtenis waar het volk ervoer dat JHWH actief ingrijpt, de plek-waar-geen-leven-is omvormt tot een verhaal van bevrijding, en de mens de levensadem inblaast.

De scheppingsverhalen geven ons een toekomstvisioen en een opdracht om dat visioen telkens opnieuw waar te maken, trouw aan het verbond, en overal waar chaos het ‘goede leven’ bedreigt.

De mens krijgt een hof van Eden ter beschikking, een weelderige aarde waarvan hij niet de eigenaar kan zijn, maar de behoeder. Het begrip ‘heersen over de aarde’, wat we tegenwoordig vaak vertalen als het ‘rentmeesterschap’ is eigenlijk een opdracht om de aarde en de menselijke samenleving niet over te leveren aan de menselijke jungle, maar om ze zo in te richten en te ordenen dat alles en iedereen kan delen in de weelde van de schepping. Dat er leven is voor al wat leeft.

Zo, en niet anders, wordt de mens een ‘levend wezen’. Het gaat pas mis als de mens dit verbond met God opzegt. Als hij zelf “als God” wil zijn, en eigenmachtig wil oordelen over goed en kwaad. Als hij niet langer de “hoeder van zijn broeder” is. Als hij de vrijheid wil om te leven naar eigen inzicht, eender wat de gevolgen zijn van die levensstijl voor mens of milieu.

We kennen de chaos die ons vandaag bedreigt.

Wij, in ons welvarende Vlaanderen, behoren tot die 20% van de wereldbevolking die 80% van de goederen van de aarde bezit of consumeert. Het klimaatprobleem –en ruimer de milieucrisis- wortelt in deze realiteit. Om haar levensstijl te onderhouden, reserveert de westerse wereld de hele ecologische draagkracht van de aarde voor zichzelf. Voor de meerderheid van de wereldbevolking blijft nauwelijks milieugebruiksruimte over.

Zowel de armoede als de overconsumptie zijn een probleem voor het ‘goede leven’ in ons gezamenlijk huis dat ‘aarde’ heet. Meer nog, onze hele thuis is bedreigd. De klimaatcrisis is niet enkel een ecologisch probleem, maar ook een moreel en ethisch probleem. En een uitdaging zonder voorgaande in de menselijke geschiedenis.

We weten dat gletsjers smelten, bossen sneuvelen, woestijnen groeien en oogsten mislukken. We weten dat de klimaatverandering nu al tienduizenden slachtoffers maakt, vooral in de kwetsbaarste bevolkingsgroepen in de landen van het Zuiden. 
 
Elke 20 jaar verdubbelt ons verbruik aan ertsen, ondanks de betere recyclage. 
In onze groei-economie blijft ook het verbruik van fossiele brandstoffen stijgen, ondanks het toenemend aanbod aan groene energie. 
Het is die stijgende vraag die zorgt dat in het Zuiden bossen, dorpen, landbouw, lokale economie en natuurgebieden moeten wijken voor nieuwe grootschalige mijnprojecten, boorputten, pijpleidingen, energiegewassen of stuwdammen. Het is die stijgende vraag die zorgt dat we het erg lastig zullen krijgen om de C02-uitstoot in de wereld snel te verminderen of uit te bannen.
De beschavingscrisis waar Aura Lolita Chavez Ixcaquic het over heeft, gaat niet enkel over de politici en de bedrijven in Latijns Amerika. Het is ook onze beschavingscrisis.
 
“Dit is onze zonde”, zei paus Franciscus onlangs in een toespraak, “ we exploiteren de aarde zonder dat we haar toelaten ons te geven wat ze in zich draagt…/…  Dit is een van de grootste uitdagingen van onze tijd: onszelf bekeren tot een ontwikkelingsmodel dat weet hoe de schepping te respecteren”
 

Dit is een tijd voor Schepping. Voor het herstel van de beschaving en het rentmeesterschap. Voor santhuthi. Voor een paradigmashift. De klimaatverandering verschijnt als een immense opdracht om van onze zieke, mishandelde en gekneusde aarde opnieuw Gods vruchtbare en gastvrije thuis te maken, waar leven is voor al wat leeft.

Het klimaat verandert OOK MIJ.

Bovenstaande woorden kunnen gemakkelijk als onrealistisch begrepen worden. Zijn we niet te klein en te onmachtig voor al die grote woorden?

Gelukkig kunnen we rondom ons kijken, en zien dat die verandering, die transitie, die bekering volop bezig is. De verre droom van Steven Vromman wordt stilaan werkelijkheid. Mensen zijn bereid om actie te ondernemen en te sleutelen aan hun eigen levensstijl. Ze gaan zich anders verplaatsen, voeden of verwarmen. Ze gaan anders consumeren, vinden de weg naar de deel- en geefeconomie en verminderen hun verbruik van materiaal en energie. Ze nemen groene initiatieven in hun parochie, school, organisaties of bedrijf. Niet alleen het klimaat verandert. Ze veranderen ook zelf.

Velen ervaren dit leven met een kleinere voetafdruk als een positieve verandering, een groei in levenskwaliteit. Leven vanuit een ‘ethiek van het genoeg’ heeft minder te maken met ‘verliezen’ of ‘inbinden’ dan met het scheppen van toekomstperspectief en ruimte voor ‘het goede leven’.

Tegelijk leveren doeners, denkers en milieueconomen ons ideeën voor een koolstofarme en grondstoffenarme economie. Nieuwe woorden en begrippen kwamen en komen onze woordenschat verrijken: ‘groene energie’, ‘green new deal’, ‘kringloopeconomie’, ‘cradle to cradle’, ‘welvaart zonder groei’, enz...

 
De wereld beweegt.
2015 is een belangrijk jaar. In september organiseren de VN een conferentie over Duurzame Ontwikkeling. In opvolging van de Millenniumdoelen, wil men komen tot nieuwe afspraken over de Duurzame Ontwikkelingsdoelen. 
Nauwelijks drie maand later, is er de klimaattop in Parijs, waar de lidstaten van de VN een nieuw juridisch bindend akkoord moeten goedkeuren over hoe we de wereldwijde opwarming van de aarde onder de 2°C zullen houden. 
 
Deze twee conferenties zijn cruciaal voor de toekomst van onze planeet. De hele wereld kijkt over de schouders van de beleidsmakers mee. Om de onderhandelaars te oriënteren, laat paus Franciscus zijn ‘groene’ encycliek dit jaar verschijnen. Ook Ecokerk en de christelijke solidariteitsorganisaties en hun internationale netwerken hebben hun eisenpakket klaar.
 
Hoe cruciaal ook, de conferenties kunnen maar effect hebben als wij niet achterblijven. Of beter misschien, als we mee voorop lopen. Ik nodig u graag uit om mee te stappen en u samen met velen te engageren in dit creatief avontuur.  Aan ons om het ‘goede leven’ te herontdekken, te koesteren en te verdedigen. In godsnaam.  

 

Karel Malfliet, stafmedewerker Ecokerk
 

Welkom...

...welkom op onze website.(Vleugel)

Kalender

November 2017
M D W D V Z Z
30 31 1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26
27 28 29 30 1 2 3

Nieuw

 

Kijk naar Nieuws- Rondom de Vleugel

Inloggen